|
Arme Dido. November 2004 In 2000 had ik het, dankzij mijn nog onbevangen ‘beginnende fokkers-enthousiasme’, in mijn hoofd gehaald mijn twee teefjes allebei te laten dekken.Terwijl Raisa met haar tiental in de werpkist lag, begon Lalou na vier weken zwangerschap al enigszins ronde vormen aan te nemen. (Inmiddels kan ik uit ervaring spreken, dat het af te raden is om twee nesten vlak na elkaar te plannen. Een nest Labradors is geweldig leuk, maar betekent ook een aanslag op je energie, je sociale leven en je stressbestendigheid!) Op een dag belde mevrouw de Ruiter. Ze vertelde dat haar bejaarde Golden Retriever was overleden en dat ze nu de aanschaf van een Labrador overwoog. ‘Ik heb gehoord dat u Labradors heeft. Mag ik eens bij u komen kijken?’ was haar vraag. Ik antwoordde dat ze uiteraard eens langs mocht komen om zich op het ras te oriënteren. Mevrouw beloofde terug te bellen zodra ze terug was van haar vakantie in Engeland. Ik vergat het voorval. Maar drie weken later belde ze opnieuw om mij aan de afspraak te herinneren. De volgende dag zou ze langskomen.Mijn honden kondigden aan dat er bezoek in aantocht was, en ik begaf mij naar de voordeur. Druk en verhit van het voeden van het tiental kleine druktemakertjes en het poetsen van de puppyren, deed ik open. Een in alle opzichten prachtige dame keek mij stralend aan. Alles aan haar was even smaakvol en verzorgd. Haar kapsel, make-up, sieraden, zijden blouse, korte leren rok en goudkleurige hooggehakte sandalen onder haar gebruinde benen vormden een verbluffend geheel. ‘Mijn hemel, moet die een Labrador uit gaan laten?’ dacht ik, terwijl ik mij plotseling een slons voelde in mijn dagelijkse kloffie. Eenmaal binnen liet mevrouw de Ruiter zich onmiddellijk op de stenen vloer van de deel vallen en liet daar de drachtige Lalou op haar schoot plaatsnemen. ‘Wat een schat van een hond!’ verkondigde ze en daarmee was mijn hart al gedeeltelijk gesmolten. De puppy’s in de ren vond ze geweldig. ‘Ik wil bij u graag een pup kopen!’ verkondigde ze. ‘Laten we niet te hard van stapel lopen’, was mijn antwoord. ‘Maar ik wil het!’ was haar reactie. ‘Deze pups van Raisa hebben al een nieuwe eigenaar’ reageerde ik. ‘Van het nestje van Lalou kan ik u op dit moment nog niets beloven. Het is nog niet eens geboren. Bovendien wil ik u graag eerst wat beter leren kennen’. ‘Maar u bevalt me, en daarom ik wil bij u een pup kopen’, liet ze opnieuw weten.Zuchtend schonk ik koffie in. Het gesprek verliep verder uiterst plezierig. Mevrouw de Ruiter wilde alles weten over de voor-, en nadelen van het ras, de karakters van mijn honden, de verzorging van een pup… Ze knuffelde onophoudelijk Raisa en Lalou en liet zonder dat zelf te merken haar koffie koud worden. ‘U hoort nog van me, hoor!’ zei ze toen na een lange middag huiswaarts ging. Korte tijd later, Lalou was inmiddels de trotse moeder van een zesling, werd ik gebeld: Louise de Ruiter. Allereerst informeerde ze naar Lalou en haar kindertjes. Vervolgens liet ze me weten nog steeds graag bij mij een pup te willen kopen. Ik stelde een hernieuwing van de kennismaking voor. Vanaf dat moment kwam ze regelmatig over de vloer. We kwamen overeen dat het enige zwarte reutje uit het nest voor haar gereserveerd werd.De ontwikkeling van haar ‘Dido’ volgde ze op de voet. Bij elk bezoekje zag Louise er even prachtig en verzorgd uit, en elke keer hield ze geen enkele rekening met haar dure outfit wanneer ze de honden begroette en met hen speelde. Afscheid nemen kon ze bijna niet, en zo kwam het dat ze geregeld met mij en de kinderen aan tafel een boterhammetje mee at. De gesprekken gingen al lang niet meer alleen over honden en puppy’s opvoeden. Het bleek dat we meer onderwerpen aan konden, van levenswijsheden tot filosofische vraagstukken aan toe. De dag dat Dido acht weken oud was en opgehaald mocht worden, kwam Louise aanrijden. Net had ik ontdekt, dat de puppy’s diarree hadden, dankzij de enorme pruimenregen, die onophoudelijk van onze boom viel, en waar de puppy’s van snoepten voor ik had kunnen rapen. Ik legde het probleem voor. ‘Misschien kan hij beter nog even blijven tot het over is’, stelde ik voor. ‘Ben je mal, dat zou zo’n anti-climax zijn’, reageerde Louise.Ze zat al in het zonnetje op de grond in de puppyren. De hondjes lieten al pruttelend horen en zien dat ik niet had overdreven met mijn pruimenverhaal. Nog voor ik het had kunnen opruimen, pletsten ze met hun pootjes door de verse dunne poep, om vervolgens over Louises nieuwste creatie te wandelen. ‘O, God, ik zit helemaal in de shit, zeg!’ lachtte ze. Dido ging mee naar zijn nieuwe huis en dankzij het feit dat daar geen pruimen van de boom rolden, was hij snel in orde.Inmiddels zijn er ruim vier jaar verstreken. Met enige regelmaat heb ik Louise gesproken, en zo haar belevenissen met Dido gevolgd. Tot drie maanden geleden was alles dik in orde.
Maar toen kwam het telefoontje dat alles mis was. Dido was, onderweg naar een andere Labrador, die hij plotseling aan de overkant van een rustig weggetje ontdekt had, onder een bestelwagen terecht gekomen en zwaar gewond naar de dierenarts vervoerd. Vastgesteld werd, dat zijn bekken op drie plaatsen gebroken was. Maar dat was niet het ergste. Terwijl hij in afwachting was van een operatie, werd duidelijk dat hij niet kon plassen. Eenmaal onder het mes, bleek door de enorme klap van de aanrijding zijn blaas volledig afgescheurd te zijn. Deze was los liggend in de buikholte aangetroffen. Ondanks de kleine kans op een volledig herstel, was de blaas weer op zijn plaats gezet en de komende weken zou Dido via een katheder moeten ‘plassen’.Ik zocht Dido op. Een treurig hoopje hond, dat ondanks zijn ellende dapper lag te kwispelen in zijn bench, toen ik hem toesprak en hem een nieuw knuffelbeestje aanreikte. Als hij deze moeilijke tijd doorkomt, zal het nog af te wachten zijn of zijn blaas ooit weer naar behoren zal gaan functioneren. Zal dit niet gebeuren, dan zal Dido alsnog moeten inslapen…………… ‘Amanda, ik wil Dido niet kwijt!’ heeft Louise me verschillende keren wanhopig door de telefoon toegeroepen. Ik weet het. Ik begrijp het. Ik voel mee met haar machteloosheid.Afwachten en duimen zijn de enige dingen die we momenteel kunnen doen voor die arme Dido………………….
*Na enkele weken intensieve en liefdevolle verzorging was Dido weer de vrolijke, levenslustige en glanzende Labrador zoals we hem kenden van voor het ongeluk. Zijn blaas bleek echter onherstelbaar beschadigd te zijn. Dido zou nooit zelfstandig gaan plassen. Het dagelijks meerdere malen katheterisere, wat hij geduldig toestond, werd al moeilijker. Door irritaties en ontstekingen raakten de urinewegen steeds verder verstopt.Uiteindelijk heeft Louise de moeilijke beslissing moeten nemen om Dido in te laten slapen. Hij heeft een rustplaatsje gevonden in zijn geboortegrond, op het erf waar zijn familieleden nog dagelijks stoeien en spelen.**Om privacy redenen zijn de namen van enkele personen gefingeerd. |